Behandeling van parodontale afwijkingen die niet ontstaan zijn door parodontitis:

Andere tandvleesbehandelingen waarvoor veelvuldig verwezen wordt naar tandarts De Quincey van de Praktijk voor Parodontologie en Implantologie ’s-Hertogenbosch zijn operatieve correcties van plaatselijk sterk teruggetrokken tandvlees. Deze aandoening, in medisch jargon “gingiva recessie” genoemd, kan op elke leeftijd optreden. Dus ook bijvoorbeeld bij jonge mensen die een beugel hebben (gehad). De recessie wordt in dat geval vaker door de behandelend orthodontist gesignaleerd aangezien door hem/haar tijdens beugelbehandelingen de maandelijkse controles uitgevoerd worden. De orthodontist verwijst de patiënt dan naar onze praktijk.

Terugtrekkend tandvlees dat niet het gevolg is van parodontitis, treedt vaak op in situaties waar sprake is van een (te) dunne laag tandvlees over de tandhals. Dit komt relatief vaak voor: circa 30% van de Nederlandse bevolking heeft “dun” tandvlees (heeft een zogenoemd “thin gingival biotype”) en deze mensen zijn daardoor gevoelig voor het ontstaan van deze tandvleesafwijking . Een (te) dunne laag tandvlees kan ook het gevolg zijn van de stand van de tand. Wanneer een stukje “dun” tandvlees beschadigd raakt, is het risico groter dat nadien de natuurlijk spontane genezing onvolledig is en de tandhals bloot komt te liggen. Er kunnen dan klachten optreden zoals warmte/koude gevoeligheid. Volledig herstel van het teruggetrokken tandvlees kan alleen bereikt worden door toepassing van een tandvleestransplantatie.

Orthodontisten verwijzen hun patiënten ook regelmatig naar tandarts De Quincey van de Praktijk voor Parodontologie en Implantologie voor correcties van het lipbandje omdat dit de beugelbehandeling kan belemmeren; lipband correcties zijn nagenoeg pijnloos en worden bijna altijd met de laser uitgevoerd.



Sinds 2014 hebben ook lactatiekundigen van verschillende kraamzorgbureaus de weg naar tandarts De Quincey gevonden voor de behandeling van te korte tongriempjes of te strakke lipbandjes bij baby’s . Doordat het tongriempje te kort is en/of het lipbandje te strak is, kan het zijn dat een baby niet goed -of zelfs helemaal niet- aan de borst kan zuigen. Ook is het heel pijnlijk voor de moeder die borstvoeding geeft omdat de baby de borst niet goed in de mond kan nemen en dus op de tepel zuigt. Ook kunnen de baby’s met deze afwijking vaak niet goed uit een fles drinken of op een fopspeen zuigen. Lees leer meer over op de site van www.borstvoeding.com . ​Tandarts De Quincey en tandarts Haus hebben de kennis, vaardigheid en ervaring om te korte tongriempjes en te strakke lipbandjes bij baby’s te behandelen. Dat gebeurt niet door middel van knippen maar door middel van een kortdurende ingreep waarbij met een laser een sneetje wordt gemaakt en dit sneetje onmiddellijk wordt geseald. Er treedt vrijwel geen bloeding op en uiteraard vindt de behandeling in een steriele setting plaats waardoor er evenmin een risico op infectie is.

Na verwijzing worden door De Quincey ook regelmatig patiënten behandeld die zich storen aan hun “Gummy smile”. Er is dan sprake van een overmatige zichtbaarheid van het tandvlees, de zogenaamde “Gummy Smile” of “Tandvlees Lach”. Dit heeft tot gevolg dat de tanden relatief kort en/of klein lijken.

Correctie van de Gummy Smile vindt vaak plaats door middel van laserchirurgie of een zogenaamde gemodificeerde flapoperatie. Dit wordt kroonverlenging genoemd omdat het zichtbare deel van de tand, de tandkroon, optisch verlengd wordt door een teveel aan tandvlees weg te nemen.

Patiënten worden door hun tandarts naar tandarts De Quincey verwezen met het verzoek een tand of kies door middel van een zogenaamde kroonverlenging te behandelen. Dat is aan de orde indien onder de kroonrand tandbederf is ontstaan dat door de tandarts niet is te behandelen c.q. te vullen omdat dit onder het tandvlees zit. Ook kan de tand of kies tot onder het tandvlees zijn afgebroken. Zonder de behandeling van kroonverlenging kan het element niet van een nieuwe kroon worden voorzien omdat sprake is van onvoldoende houvast voor de nieuwe kroon. Ook kan de orthodontist verwijzen voor kroonverlenging. Er wordt dan gevraagd om een in de kaak gelegen tand vrij te leggen zodat de orthodontist de tand van een beugel kan voorzien en naar een juiste plek kan verplaatsen. De behandeling van kroonverlenging houdt in dat tandvlees operatief wordt weggenomen. Terugverwijzing naar de verwijzende tandarts of orthodontist kan daarna al meteen weer plaatsvinden; de verwijzende tandarts kan zelf de afgebroken tand of kies van een kroon voorzien. Ook dit type flapoperatie valt onder de categorie kroonverlenging.